Aandeelhoudersverantwoordelijkheid
Einde inhoudsopgave
Aandeelhoudersverantwoordelijkheid (VDHI nr. 129) 2015/7.6.1:7.6.1 De situaties
Aandeelhoudersverantwoordelijkheid (VDHI nr. 129) 2015/7.6.1
7.6.1 De situaties
Documentgegevens:
Mr. B. Kemp, datum 21-07-2015
- Datum
21-07-2015
- Auteur
Mr. B. Kemp
- JCDI
JCDI:ADS301410:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Corporate governance
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Bartman & Dorresteijn 2013, p. 303. Evenzo: Asser/Maeijer/Van Solinge & Nieuwe Weme 2009, nr. 837; Slagter/Assink 2013, p. 2255.
Bartman & Dorresteijn 2013, p. 289. Evenzo: Slagter/Assink 2013, p. 2255-2256.
Zie in dit verband de arresten opgenomen in voetnoot 172. Zie uitgebreid over deze arresten: Bartman & Dorresteijn 2013, p. 304-318; Buijn & Storm 2013, p. 432-440; Van den Heuvel 2012, p. 118-123.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Hierboven is gewezen op een vijftal in de jurisprudentie ontwikkelde categorieën van situaties waarin de aandeelhouder op grond van de onrechtmatige daad aansprakelijk wordt gehouden. Bartman en Dorresteijn spreken in dit verband (in het kader van concernverhoudingen) van de doorbraak uit onrechtmatige daad en de indirecte doorbraak,1 al is deze term – zoals zij zelf ook aangeven – enigszins misleidend, omdat de beperkte aansprakelijkheid van de aandeelhouder niet doorbroken wordt, maar men om de beperkte aansprakelijkheid heen gaat door de aandeelhouder direct aansprakelijk te stellen op grond van onrechtmatige daad.2 Anders gezegd, de beperkte aansprakelijkheid van de aandeelhouders wordt omzeild. Het leerstuk van indirecte doorbraak heeft zich ontwikkeld aan de hand van de jurisprudentie, in het bijzonder een aantal arresten van de Hoge Raad.3 In deze arresten is in de regel sprake van een moeder-/dochtervennootschap situatie. Hieronder worden de vijf situaties – kort – geschetst.