RvdW 2024/1180:Herziening. Opzettelijk telen en aanwezig hebben van hennep (art. 3 onder B en 3 onder C Opiumwet) en diefstal van elektriciteit d.m.v. verbreking (art. 311 lid 1 onder 5 Sr). Aangevoerd wordt dat sprake is van gegeven a.b.i. art. 457 lid 1 sub c Sv op de grond dat aanvrager in strafzaak valse bekennende verklaringen heeft afgelegd om zijn vader, die hennepkwekerij had, te beschermen en dat aanvrager met de bij aanvraag gevoegde verklaring terugkomt op zijn eerder afgelegde, voor bewijs gebruikte verklaringen. Naast verklaring van aanvrager, is bij aanvraag tot herziening gevoegd ‘Overzicht te declareren verrichtingen’ van toenmalige raadsman van aanvrager. Als aanvrager op eerder afgelegde verklaring terugkomt, moet hij bij zijn aanvraag aannemelijk maken dat en waarom hij op die verklaring terugkomt (vgl. HR). In de bij aanvraag overgelegde verklaring geeft aanvrager als reden voor terugkomen op zijn eerdere bekennende verklaringen op dat hij op verzoek van zijn vader schuld voor hennepkwekerij op zich heeft genomen om geldprijs die zijn vader en zijn stiefmoeder hadden gewonnen, veilig te stellen en dat zij allen dachten dat aanvrager er met taakstraf vanaf zou komen, terwijl hij zich nu geconfronteerd ziet met tul van de door hof opgelegde gevangenisstraf (van 13 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk). Dit vormt echter geen aannemelijke reden waarom aanvrager op bekennende verklaringen is teruggekomen. Daarvoor is van belang dat aanvrager door Rb tot gevangenisstraf van 15 maanden, waarvan 3 maanden voorwaardelijk (en dus niet tot taakstraf) is veroordeeld, en dat aanvrager daarin kennelijk geen aanleiding heeft gezien al tijdens procedure in hoger beroep op die verklaringen terug te komen, maar in plaats daarvan op zitting in h.b. opnieuw bekennende verklaring heeft afgelegd. Ook v.zv. in aanvraag beroep wordt gedaan op ‘Overzicht te declareren verrichtingen’, bevat aanvraag geen gronden die aannemelijk maken dat eerder door aanvrager afgelegde verklaringen onjuist zijn. Ter onderbouwing van stelling dat aanvrager door hem bij politie afgelegde gedetailleerde verklaring heeft gebaseerd op informatie die zijn vader hem had gegeven, is slechts aan de hand van betreffende urenstaat aangevoerd dat vader van aanvrager tegenover toenmalige raadsman van aanvrager heeft opgemerkt ‘dat verhaal anders in elkaar steekt’ en dat aanvrager op zijn verzoek schuld op zich heeft genomen. Die opmerking sluit niet uit dat aanvrager slechts op verzoek van zijn vader heeft verzwegen dat deze wel enige betrokkenheid had bij (mede) door aanvrager geëxploiteerde hennepkwekerij. Afwijzing aanvraag. Vervolg op 22/03645 (niet gepubliceerd; strafzaak; geen middelen ingediend, verdachte n-o).