Einde inhoudsopgave
De Europese Executoriale Titel (BPP nr. III) 2005/5.3
5.3 Materieel toepassingsgebied
Mr. M. Zilinsky, datum 02-03-2005
- Datum
02-03-2005
- Auteur
Mr. M. Zilinsky
- JCDI
JCDI:ADS380654:1
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht (V)
Voetnoten
Voetnoten
Nr. 20 van de Considerans. Zie ook art. 27 EET-Vo waarin aangegeven wordt dat de EET-Verordening niet belet dat de schuldeiser de weg van erkenning en tenuitvoerlegging via de EEX-Verordening kiest.
HvJ EG 14 oktober 1976, 29/76, Jur. 1976, p. 1541, NJ 1982, 95 (JO), LTU/Eurocontrol; HvJ EG 16 december 1980, 814/79, Jur. 1980, p. 3807, NJ 1982, 97 (JO), Staat der Nederlanden/Rüffer; HvJ EG 21 april 1993, C-172/91, Jur. 1993, p. 1-1963, NJ 1995, 207, Sonntag/Waidman; HvJ EG 14 november 2002, C-271/00, Jur. 2002, p.1-10489, NJ 2003, 598 (PV), Gemeente Steenbergen/Luc Baten; HvJ EG 15 mei 2003, C-266/01, Jur. 2003, p. I-4867, Préservatrice foncière TIARDIStaat der Nederlanden. Jay-me en Kohler wijzen er op dat de uitdrukkelijke uitsluiting van de acta iure imperii van het toepassingsgebied van de EET-Verordening op aandringen van de Bondsrepubliek Duitsland is opgenomen. Dit in verband met eventuele civielrechtelijke aansprakelijkheid van de Bondsrepubliek Duitsland voor Duitse oorlogmisdaden. Zie E. Jayme, Chr. Kohler, 'Europäisches Kollisionsrecht 2004: Territoriale Erweiterung und methodische Rückgriffe', IPRax 2004, p. 481-493 (i.h.b. p. 486, voetnoot 72).
De EET-regeling geldt ingevolge art. 27 EET-Vo als een aan de EEX-Verordening concurrente regeling.1 Beide regelingen hebben hetzelfde toepassingsgebied. De EET-Verordening is van toepassing in burgerlijke en handelszaken, met uitzondering van fiscale zaken, douanezaken, en bestuursrechtelijke zaken en de gevallen waarin de aansprakelijkheid van de staat wegens handelingen of omissies bij de uitoefening van het staatsgezag in het geding is.2 Tevens sluit de verordening van haar toepassingsgebied uit de zaken die de staat of de bevoegdheid van personen betreffen, het huwelijksgoederenrecht, testamenten en erfenissen, vervolgens het insolventie-recht, zaken betreffende de sociale zekerheid en de arbitrage. De vraag rijst of de uitdrukkelijke uitzondering van zaken met betrekking tot de aansprakelijkheid van een staat voor de acta iure imperii nodig is, nu ingevolge de jurisprudentie van het HvJ EG ten aanzien van art. 1 EEX-Verdrag geen sprake is van een burgerlijke of handelszaak indien de overheid krachtens de overheidsbevoegdheid (de iure imperii) optreedt.3 Het ligt in de lijn der verwachtingen dat deze rechtspraak ook onder de EET-Verordening zijn gelding behoudt.