Einde inhoudsopgave
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/8.4
8.4 Kritiek op het begrip `Teilwert'
G.Th.K. Meussen, datum 07-10-1997
- Datum
07-10-1997
- Auteur
G.Th.K. Meussen
- JCDI
JCDI:ADS345522:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Winst
Voetnoten
Voetnoten
E. Kosiol, StuW 1949, blz. 155 en 156.
G. Wille, Bilanziering und Bilanzpolitik, 5. Auflage, Mnchen, blz. 373.
D. Schneider, Grundziige der Unternehmensbesteuerung, Opladen 1974, blz. 113; de nieuwste druk van dit leerboek (Wiesbaden, 1990) bevat deze passage overigens niet meer.
F. B.hnke, StuW 1949, blz. 964.
E. Aufermann, Problematik und Kritik des Teilwerts, FuSt 1947, blz. 86.
Vergelijk W. Euler, Gemeiner Wert und Teilwert - eine vergleichende Betrachtung - DStJG 1984, blz. 168.
Ta.p., blz. 155 en 156.
Aantekening 584 bij § 6 EStG.
A. Heigl, StuW 1969, blz. 467 Fn. 12.
Zelden heeft een term zoveel discussie in de fiscale wereld teweeg gebracht als die omtrent de `Teilwert'. Vele deskundigen staken hun mening niet onder stoelen of banken. Zo sprak Kosiol1 over een 'mislukte constructie2; Wöhe over een begrip dat 'onhoudbaar en onhandelbaar' is; Schneider3 refereerde aan een `begriffliche Missgeburt' en Jainke4 was van mening dat het begrip Teilwert een Tremdkiirper' in het Einkommensteuergesetz (EStG) was. Aufermann5 ten slotte pleitte ervoor het begrip `Teilwert' zo snel mogelijk uit de wet te schrappen. Latere auteurs6 delen deze laatste opvatting.
Waarom nu al deze kritiek? In een notendop gaat het critici erom dat waardering op `Teilwert' in de praktijk onmogelijk is. Het begrip `Teilwert' hinkt als het ware in zijn feitelijke waardebepaling op twee gedachten: enerzijds de individuele waardering van een goed (Prinzip der Einzelbewertung) en anderzijds (ter bepaling van die individuele waarde) de waardering van de onderneming als geheel. Niet voor niets spreekt Kosio17 in dit verband over een vicieuze cirkel. Of anders gezegd: het lijkt wel op een soort kwadratuur van de cirkel.
Herrmann/Heuer /Raupach8 zijn op basis van een gedegen literatuurstudie tot de conclusie gekomen dat de kritiek op het begrip `Teilwert' zich toespitst op drie aspecten, de:
rechtvaardiging
doelmatigheid en
praktische toepasbaarheid ervan.
Indien het begrip `Teilwert' dusdanig wordt uitgelegd dat éérst de waarde van de gehele onderneming moet worden bepaald, geeft dit volgens Herrmann/ Heuer /Raupach aanleiding tot twijfels en moeilijkheden. Heigl9 brengt een ander aspect te berde, namelijk dat het begrip `Teilwert' in het belastingrecht van de meeste andere landen volkomen ontbreekt. Alleen landen die op belastingrechtgebied sterk door Duitsland zijn beïnvloed (zoals bijvoorbeeld Luxemburg en Oostenrijk) kennen het begrip `Teilwert'.
Herrmann/ Heuer/Raupach achten dit argument minder relevant. Zij geven aan dat de `Teilwert' slechts de waardebepaling van een goed betreft dat toebehoort tot een onderneming. In een dergelijke situatie wordt met een Teilwertvermoeden en met -begrenzingen gewerkt.
En hoe staat het nu (anno 1997) in Duitsland met de kritiek op het begrip `Teilwert'? Langzamerhand lijken de kritiek en discussie te zijn verstomd aangezien het begrip `Teilwert' niet meer weg te denken is uit de Duitse belastingwetgeving.