Naar een Nederlandse political question-doctrine?
Einde inhoudsopgave
Naar een Nederlandse political question-doctrine? (SteR nr. 50) 2020/5.2.3.9:5.2.3.9 Vormgeving van het buitenlands beleid en optreden leger of CIA
Naar een Nederlandse political question-doctrine? (SteR nr. 50) 2020/5.2.3.9
5.2.3.9 Vormgeving van het buitenlands beleid en optreden leger of CIA
Documentgegevens:
mr. drs. R. van der Hulle, datum 01-08-2020
- Datum
01-08-2020
- Auteur
mr. drs. R. van der Hulle
- JCDI
JCDI:ADS233730:1
- Vakgebied(en)
Staatsrecht / Rechtspraak
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Zie bijv. Fisher 2013, p. 302-304: ‘In recent decades, federal courts have consistently refused to reach the merits in war power cases.’ Zie meer in het algemeen over de bevoegdheden van de President en het Congres op het gebied van het buitenlands beleid bijv. Fisher 2013; Goldsmith 2012; Griffin 2013. Vgl. ook Passchier 2017 in de Nederlandse literatuur.
Zie hoofdstuk 4 van dit onderzoek.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ten slotte kunnen zich political questions voordoen in geschillen die raken aan de vormgeving van het buitenlands beleid. Daarbij gaat het in het bijzonder om discretionaire beslissingen met bij uitstek een politiek karakter van de President of het Congres, zoals de erkenning van buitenlandse mogendheden, de vaststelling van landsgrenzen, het oproepen van burgers voor de militaire dienstplicht, en beslissingen tot militair ingrijpen of andere interventies in het buitenland.1 Toepassing van de doctrine ligt vooral in de rede wanneer de ‘wijsheid’ van dergelijke beslissingen voor de rechter ter discussie wordt gesteld. Daarbij maakt de Amerikaanse rechter uitdrukkelijk een koppeling met het optreden van het Amerikaanse leger of de CIA: indien een achterliggende, politieke beslissing van de andere staatsmachten ter vormgeving van het buitenlands beleid als een political question heeft te gelden, geldt dit in beginsel ook voor de uitvoeringshandelingen van het leger of de CIA.2