Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/16
OM-cassatie. Moet de strafrechtelijke immuniteit van de gemeente die niet heeft opgetreden tegen milieuschade o.g.v. art. 2 EVRM worden doorbroken?
HR 25-11-2025, ECLI:NL:HR:2025:1774
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 november 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, M. Kuijer, C. Caminada, F. Posthumus
- Zaaknummer
24/02651
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Internationaal publiekrecht / Mensenrechten
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1774, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑11‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:922, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 02‑09‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 11‑11‑2024
- Wetingang
Art. 2 EVRM
Essentie
OM-cassatie. De gemeente wordt verweten niet te hebben opgetreden tegen emissies van schadelijke stoffen, terwijl zij wist of redelijkerwijs had kunnen weten dat daardoor nadelige gevolgen voor het milieu ontstonden. Moet de strafrechtelijke immuniteit van de gemeente op grond van art. 2 EVRM worden ‘doorbroken’?
Samenvatting
OM-cassatie. Het cassatiemiddel komt op tegen het oordeel van het hof dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk is in de vervolging van de verdachte (hierna: de gemeente). Het voert daartoe aan dat het hof ten onrechte heeft geoordeeld dat de gemeente strafrechtelijke immuniteit toekomt.
De Hoge Raad stelt voorop hetgeen ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.