Einde inhoudsopgave
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/4.7.2
4.7.2 Specifieke regels veraccijnsde goederen
Mr. dr. W.M.G. Visser, datum 27-03-2008
- Datum
27-03-2008
- Auteur
Mr. dr. W.M.G. Visser
- JCDI
JCDI:ADS296830:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Accijns en verbruiksbelastingen / Accijns
Voetnoten
Voetnoten
Art. 6 Accijnsrichtlijn.
Art. 7, 9 en 10 van de Accijnsrichtlijn.
Evaluatieverslag art. 7 t/m 10 en wijzigingsvoorstel Accijnsrichtlijn EC 2004, p. 10.
Art. 7 lid 3 Accijnsrichtlijn.
Als bedoeld in art. 10 Accijnsrichtlijn.
Art. 7 lid 4 en lid 5 Accijnsrichtlijn.
Art. 9 lid 2 Accijnsrichtlijn.
Art. 10 Accijnsrichtlijn.
Art. 7 lid 6 en art. 10 lid 4 jo. art. 22 lid 3 en lid 4 Accijnsrichtlijn.
Art. 7, 9, 10 Accijnsrichtlijn.
Art. 7 lid 1 Accijnsrichtlijn. Zie voor de accijnsbehandeling van brandstoffen in binnengrensoverschrijdende voertuigen: HvJ EG 9 september 2004, nr. C-292/02, Meiland Azewijn BV vs. Hauptzollamt Duisburg, Jur. 2004, p. I-7905, r.o. 35.
Art. 9 en 10 Accijnsrichtlijn.
Zo ook: Terra-Kajus 2005, p. 323-324.
Art. 7 lid 1 Accijnsrichtlijn.
Art. 9 lid 1 eerste volzin Accijnsrichtlijn.
Art. 7 lid 1 Accijnsrichtlijn.
Art. 9 Accijnsrichtlijn.
De formaliteiten van art. 7 lid 5 Accijnsrichtlijn.
Art. 10 lid 1 slotzin Accijnsrichtlijn.
Accijnsgoederen die conform de hoofdregel1 reeds tot verbruik zijn uitgeslagen en waarvoor de accijns dan in de lidstaat van uitslag tot verbruik is voldaan, bevinden zich in het vrije intracommunautaire verkeer. Voor wat er zich dan zoal vervolgens in het vrije intracommunautaire verkeer kan afspelen bestaan regels die specifiek betrekking hebben op het handelsverkeer van veraccijnsde goederen.2 Het intracommunautaire verkeer van veraccijnsde goederen voor handelsdoeleinden bedraagt ongeveer 3% van het totale intracommunautaire handelsverkeer van accijnsgoederen.
Door de grote verschillen tussen de accijnstarieven van de lidstaten is daarnaast sprake van een aanzienlijk intracommunautair verkeer van tabaksfabrikaten voor particuliere doeleinden, zowel legaal als illegaal, omdat forse aantallen ingezetenen van lidstaten met hoge accijnstarieven grote hoeveelheden tabaksproducten buiten hun eigen lidstaat aankopen. Het intracommunautaire verkeer van reeds veraccijnsde minerale oliën, zowel voor handelsdoeleinden als voor particulier gebruik is onbeduidend.
Dit is hoofdzakelijk het gevolg van het feit dat de productie en de distributie van minerale oliën in handen zijn van een relatief beperkt aantal toegelaten handelaren.
Het merendeel van de veraccijnsde intracommunautaire transacties, zowel commerciële als particuliere, betreffen evenwel alcoholhoudende dranken. De productie van alcoholhoudende dranken is gespreid over een groot aantal producenten, importeurs en handelaren, het productassortiment is zeer ruim en het product zelf heeft vaak een sterk streek- of regiogebonden karakter. De lage accijnstarieven in bepaalde lidstaten, zoals nultarieven voor wijn, in samenhang met de omstandigheid dat bepaalde alcoholhoudende dranken door een groot deel van de bevolking worden geconsumeerd, verklaren de talrijke zowel legale als illegale intracommunautaire bewegingen van alcoholhoudende dranken voor particuliere doeleinden.3
De specifieke regels voor veraccijnsde goederen bevatten de uitgangspunten die van toepassing zijn op de heffing van accijns van reeds veraccijnsde goederen en de procedures voor de toepassing van deze uitgangspunten. Voor alle handelsgoederenbewegingen tussen de lidstaten is de accijns uiteindelijk verschuldigd in de lidstaat van bestemming. De lidstaten kunnen de accijns van alle bij het intracommunautaire verkeer betrokken personen invorderen.4 Voor het handelsverkeer van veraccijnsde goederen, anders dan verkopen op afstand5, dient ten behoeve van de controle en toezicht het VGD te worden gebruikt. Specifieke voorschriften gelden voor het zekerstellen van de voldoening van de accijns in de lidstaat van bestemming.6 Er gelden criteria, waaronder indicatieve maximumhoeveelheden, teneinde transacties met handelskarakter te onderscheiden van privédoeleinden.7 Bij verkopen op afstand (verzending van accijnsgoederen door een verkoper voor diens rekening en risico naar een in een andere lidstaat gevestigde persoon die niet de hoedanigheid heeft van erkend entrepothouder (vergunninghouder) van een GB of NGB) dient de accijns door de buitenlandse verkoper of diens fiscaal vertegenwoordiger in de lidstaat van bestemming te worden voldaan.8 De in de lidstaat van aankoop betaalde accijns wordt gerestitueerd nadat in de lidstaat van bestemming de accijns is voldaan.9 Het bestemmingslandbeginsel heeft hier zijn werking door de vormgeving van het accijnsregime met de regeling voor verkopen op afstand en de regelingen voor voorhanden hebben van accijnsgoederen voor handelsdoeleinden, welke er telkens toe leiden, dat de accijns verschuldigd wordt in de lidstaat van bestemming.10
De ratio van deze bepalingen is ondernemers de mogelijkheid te bieden binnen de interne markt voor handelsdoeleinden reeds veraccijnsde goederen aan te kopen en deze vervolgens naar een andere lidstaat te vervoeren en ervoor te zorgen dat de accijns dan in die lidstaat, de lidstaat van bestemming, wordt voldaan. Aldus is voor accijnsgoederen met handelsdoeleinden bepaald dat als (conform de hoofdregel) reeds in lidstaat A tot verbruik uitgeslagen accijnsgoederen in lidstaat B voorhanden worden gehouden, de accijns wordt geheven in lidstaat B waar deze goederen voorhanden worden gehouden of bestemd zijn aldaar voorhanden te worden gehouden. De plaats waar de accijns verschuldigd wordt is dus de lidstaat van bestemming van het accijnsgoed en niet de plaats waar het in het verbruik is gebracht.11 Daarnaast bestaan twee meer specifieke regels die zien op gevallen waarin accijnsgoederen na die uitslag tot verbruik en accijnsheffing in een lidstaat naar een andere lidstaat worden vervoerd, namelijk12:
1 dat als accijnsgoederen door een particulier, althans niet-vergunninghouder, voor handelsdoeleinden voorhanden worden gehouden in lidstaat B of, in voorkomend geval, daarnaar worden vervoerd door of voor rekening van de verkoper in lidstaat A, de accijns verschuldigd is in lidstaat B en de eerder in lidstaat A geheven accijns moet worden teruggegeven; en
2 dat accijnsgoederen die worden gekocht door personen die niet de hoedanigheid van vergunninghouder van een belastingentrepot, GB of NGB hebben, en die direct of indirect door de verkoper of voor diens rekening worden verzonden of vervoerd, met accijns belast zijn in de lidstaat van bestemming.
Deze beide specifieke voorzieningen zijn in wezen anti-ontgaansbepalingen.13
De Accijnsrichtlijn bepaalt in twee vrijwel identiek ogende bepalingen, dat de accijns wordt geheven14 en verschuldigd is15 in de lidstaat waar de accijnsgoederen voor handelsdoeleinden voorhanden worden gehouden, en dat de accijns moet worden voldaan door degene die die goederen voorhanden heeft. De ene bepaling die inhoudt, dat als in een lidstaat reeds tot verbruik uitgeslagen accijnsgoederen in een andere lidstaat voor handelsdoeleinden voorhanden worden gehouden, de accijnzen geheven worden in de lidstaat waar deze goederen voorhanden worden gehouden, geldt in zijn algemeenheid voor ondernemers en is in het vorenstaande behandeld.16
De andere is de hierboven als voorziening 1 aangeduide bepaling. Deze omvat de situatie waarin accijnsgoederen met toepassing van de hoofdregel eerst in de ene lidstaat tot verbruik zijn uitgeslagen en vervolgens door een particulier, althans nietvergunninghouder, in een andere lidstaat voor handelsdoeleinden voorhanden worden gehouden, nadat is gebleken dat toch geen sprake is van eigen gebruik annex een voorhanden hebben met een strikt persoonlijk karakter.17 Van deze goederen wordt dan in die andere lidstaat terstond opnieuw accijns verschuldigd naar het accijnstarief van die andere lidstaat. De ratio van voorziening 1 is dat accijnsgoederen die voorhanden worden gehouden door een particulier, onderneming of publiekrechtelijke organisatie voor andere dan eigen behoeften (dus voor handelsdoeleinden) die de formaliteiten niet in acht heeft genomen, alsnog bij hen worden belast in de lidstaat van bestemming.18
Voorziening 2 is de regeling verkopen op afstand. Deze waarborgt met een meer specifieke redactie de accijnsheffing bij toepassing van het verlengstuk van de hoofdregel, dat wil zeggen waarborgt de heffing ingeval accijnsgoederen die met toepassing van de hoofdregel eerst in een lidstaat zijn uitgeslagen en vervolgens door de verkoper en voor diens rekening en risico in een andere lidstaat worden geleverd of bestemd zijn om in een andere lidstaat te worden geleverd. Onder lidstaat van bestemming wordt in dit verband verstaan: de lidstaat van aankomst van de verzending of het vervoer.19