Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/948
Profijtontneming, w.v.v. uit productie van en handel in valse bankbiljetten. 1. Methode van voordeelsberekening, art. 6 EVRM. Ontoelaatbare verrassingsbeslissing hof doordat hof vaststelling van totaal aantal door deze dadergroep geproduceerde bankbiljetten en berekening van daarmee behaalde omzet heeft ontleend aan een in hoger beroep opgemaakt aanvullend p-v en daarmee is afgeweken van eerder door politie, OM en Rb gehanteerde berekening, terwijl verdediging tijdens inhoudelijke behandeling niet beschikte over aanvullend p-v? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Er is geen sprake van ontoelaatbare verrassingsbeslissing. Hof heeft bij vaststelling van w.v.v. niet in strijd gehandeld met beginselen van een behoorlijke procesorde en art. 6 EVRM. Enkele omstandigheid dat verdediging t.t.v. inhoudelijke behandeling niet beschikte over aanvullend p-v doet hier niet aan af. Volgt verwerping. Samenhang met RvdW 2024/947, RvdW 2024/949, RvdW 2024/950, RvdW 2024/952, RvdW 2024/953, RvdW 2024/954 en RvdW 2024/955.
HR 08-10-2024, ECLI:NL:HR:2024:1220
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 oktober 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.E.M. Röttgering, T.B. Trotman
- Zaaknummer
22/01779 P
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Sancties
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1220, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1030, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑06‑2024
Essentie
Profijtontneming, w.v.v. uit productie van en handel in valse bankbiljetten. 1. Methode van voordeelsberekening, art. 6 EVRM. Ontoelaatbare verrassingsbeslissing hof doordat hof vaststelling van totaal aantal door deze dadergroep geproduceerde bankbiljetten en berekening van daarmee behaalde omzet heeft ontleend aan een in hoger beroep opgemaakt aanvullend p-v en daarmee is afgeweken van eerder door politie, OM en Rb gehanteerde berekening, terwijl verdediging tijdens inhoudelijke behandeling niet beschikte over aanvullend p-v? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Er is geen sprake van ontoelaatbare verrassingsbeslissing. Hof heeft bij vaststelling van w.v.v. niet in ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.