Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/953
Medeplegen namaken bankbiljetten (art. 208 Sr), medeplegen uitgeven valse bankbiljetten (art. 209 Sr), voorhanden hebben voorwerpen bestemd tot namaken bankbiljetten (art. 214 Sr) en deelname aan criminele organisatie (art. 140 lid 1 Sr). Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met RvdW 2024/947, RvdW 2024/948, RvdW 2024/949, RvdW 2024/950, RvdW 2024/952, RvdW 2024/954 en RvdW 2024/955.
HR 08-10-2024, ECLI:NL:HR:2024:1224
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 oktober 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.E.M. Röttgering, T.B. Trotman
- Zaaknummer
22/01883
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1224, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1027, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 25‑06‑2024
Essentie
Medeplegen namaken bankbiljetten (art. 208 Sr), medeplegen uitgeven valse bankbiljetten (art. 209 Sr), voorhanden hebben voorwerpen bestemd tot namaken bankbiljetten (art. 214 Sr) en deelname aan criminele organisatie (art. 140 lid 1 Sr). Geen middelen ingediend, verdachte n-o. Samenhang met RvdW 2024/947, RvdW 2024/948, RvdW 2024/949, RvdW 2024/950, RvdW 2024/952, RvdW 2024/954 en RvdW 2024/955.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 22/01883
Datum 8 oktober ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.