Accijnzen
Einde inhoudsopgave
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/4.7.32:4.7.32 Intrekking van de vergunning voor een belastingentrepot
Accijnzen (FM nr. 126) 2008/4.7.32
4.7.32 Intrekking van de vergunning voor een belastingentrepot
Documentgegevens:
Mr. dr. W.M.G. Visser, datum 27-03-2008
- Datum
27-03-2008
- Auteur
Mr. dr. W.M.G. Visser
- JCDI
JCDI:ADS300521:1
- Vakgebied(en)
Europees belastingrecht / Belastingen EU
Accijns en verbruiksbelastingen / Accijns
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Art. 12 Accijnsrichtlijn. Art. 3 en art. 21 Richtlijn energiebelastingen. Vgl. art. 54 lid 1 Wa.
Art. 54 lid 1 Wa.
Art. 54 lid 1 Wa, in afwijking van art. 19 lid 1 AWR.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Voor de opening en het beheer van een belastingentrepot is een vergunning van de fiscale autoriteit van de betreffende lidstaat vereist.1 Wordt de vergunning weer ingetrokken, dan worden de accijnsgoederen waarvoor die belastingentrepot als zodanig is aangewezen en die daarbinnen voorhanden zijn op de dag met ingang waarvan de vergunning wordt ingetrokken, aangemerkt als te zijn uitgeslagen en wordt het tijdvak waarover de accijns verschuldigd is aangemerkt als te zijn geëindigd op die dag.2 De inspecteur kan bepalen dat de termijn waarbinnen de accijns moet worden voldaan over het tijdvak waartoe de dag met ingang waarvan de vergunning is ingetrokken behoort, en het tijdvak dat daaraan onmiddellijk voorafgaat, minder bedraagt dan één maand.3