Bedrijfswaarde (FM)
Einde inhoudsopgave
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/8.10:8.10 Het begrip `Teilwert' en het Umwandlungssteuergesetz (UmwStG)
Bedrijfswaarde (FM nr. 83) 1997/8.10
8.10 Het begrip `Teilwert' en het Umwandlungssteuergesetz (UmwStG)
Documentgegevens:
G.Th.K. Meussen, datum 07-10-1997
- Datum
07-10-1997
- Auteur
G.Th.K. Meussen
- JCDI
JCDI:ADS345533:1
- Vakgebied(en)
Vennootschapsbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Algemeen
Inkomstenbelasting / Winst
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
R.H.M.J. Offermans, Het ondernemingsbegrip in Europees perspectief, academisch proefschrift, 1996, blz. 85.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Wordt een onderneming in een personenvennootschap ingebracht, kan gekozen worden voor een geruisloze dan wel ruisende inbreng, dat wil zeggen zónder of mét afrekening van in de onderneming aanwezige stille reserves. Indien een waarde wordt gekozen die tussen de boekwaarde en de 'Teilwerf ligt, worden niet alle stille reserves gerealiseerd. De wetgever kent in een dergelijk geval het bijzondere tarief niet toe.
Offermans1 stelt dat bij waardering op 'Teilwert' bij inbreng in een personenvennootschap, de inbrengwinst op grond van § 16, vierde lid en § 34, eerste lid EStG (1990) wordt belast tegen een verlaagd tarief dat de helft van het progressieve tarief bedraagt. Wordt op bedrijfswaarde gewaardeerd moet een gedeelte van de inbrengwinst aan de jaarwinst worden toegerekend.
Wordt een onderneming echter in een kapitaalvennootschap ingebracht, kan dit geschieden tegen de boekwaarde of een hogere bedrijfswaarde. Daarbij moet bedacht worden dat een hogere waardering dan tegen de `Teilwert' ingevolge § 20, lid 2 UmwStG niet mogelijk is. Indien de inbrenger een buitenlandse belastingplichtige is, dient de kapitaalvennootschap de onderneming op `Teilwere (met als gevolg realisatie van stille reserves) te waarderen. Hetzelfde is van toepassing bij vervreemding van de aandelen, dan valt het heffingsrecht van Duitsland (op grond van een belastingverdrag) aan de andere verdragsstaat toe.
Er is trouwens eveneens een omgekeerde situatie dan hiervoor beschreven mogelijk, te weten de vermogensovergang van een kapitaalvennootschap naar een personenvennootschap. Op grond van § 5, lid 1 UmwStG dienen in dat geval de activa en passiva op bedrijfswaarde te worden gewaardeerd en verdwijnen de aandelen in de kapitaalvennootschap. Het verschil tussen de boekwaarde van de aandelen en de bedrijfswaarde van de onderneming vormt overeenkomstig § 5, lid 5 UmwStG de overnamewinst. Deze winst wordt bij de participanten in de personenvennootschap volledig belast onder vermindering met de (reeds door de verdwijnende kapitaalvennootschap) over de aanwezige winstreserves betaalde vennootschapsbelasting.
Een laatste mogelijke situatie is denkbaar, namelijk wanneer het vermogen van de ene naar de andere kapitaalvennootschap overgaat. Dan vormt (indien geen tegenprestatie plaatsvindt) ingevolge § 3 UmwStG de bedrijfswaarde de te hanteren overgangswaarde.