Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/936
Strafvordering. Vordering in kort geding van slachtoffer strafbaar feit dat OM wordt gelast tot instellen hoger beroep in strafzaak. Spreekrecht slachtoffer voor bewezenverklaring van tenlastegelegde feiten. Beleidsruimte OM.
HR 11-10-2024, ECLI:NL:HR:2024:1418
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
11 oktober 2024
- Magistraten
Mrs. M.V. Polak, H.M. Wattendorff, F.J.P. Lock, T. Kooijmans, T.B. Trotman
- Zaaknummer
23/03362
- Conclusie
A-G mr. G. Snijders
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
Strafprocesrecht / Voorfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1418, Uitspraak, Hoge Raad, 11‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:745, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 12‑07‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 29‑08‑2023
- Wetingang
Essentie
Strafvordering. Vordering in kort geding van slachtoffer strafbaar feit dat OM wordt gelast tot instellen hoger beroep in strafzaak. Spreekrecht slachtoffer voor bewezenverklaring van tenlastegelegde feiten. Beleidsruimte OM.
Samenvatting
De mogelijkheid om bewijselementen aan te voeren is in Nederland voorzien in art. 51b lid 2 Sv. Het slachtoffer kan aan de officier van justitie verzoeken documenten die hij relevant acht voor de beoordeling van de zaak tegen de verdachte of van zijn vordering op de verdachte aan het dossier toe te voegen. Een verklaring die het slachtoffer op grond van art. 51e lid 2 ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.