Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid: wenselijk?
Einde inhoudsopgave
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/6.8.6.2:6.8.6.2 OVBA en bescherming door de wet en standaarden
Een Nederlandse personenvennootschap met beperkte aansprakelijkheid (IVOR nr. 81) 2011/6.8.6.2
6.8.6.2 OVBA en bescherming door de wet en standaarden
Documentgegevens:
mr.drs. I.S. Wuisman, datum 13-01-2011
- Datum
13-01-2011
- Auteur
mr.drs. I.S. Wuisman
- JCDI
JCDI:ADS399096:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Toon alle voetnoten
Voetnoten
Voetnoten
Vgl: Eeghen, L.J. van (2002), 'De aansprakelijkheid van bestuurders na feitelijke insolventie', TVI 2002-4, blz. 197-205.
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
De bescherming van de schuldeisers door creditor self help zou aangevuld kunnen door de wet en de regels die ontstaan in de rechtspraak over doorbraak van aansprakelijkheid. Bij wettelijke regels valt te denken aan regels over de aansprakelijkheid van vennoten voor eigen daden, voor die van personen die onder hun supervisie en toezicht staan, en voor het niet ingrijpen als een medevennoot een onrechtmatige daad of wanprestatie pleegt. Daarnaast kunnen er specifieke regels en standaarden zijn die bescherming bieden aan schuldeisers tegen benadeling door wijzigingen in het vermogen van de vennootschap. Benadeling kan zich allereerst voordoen indien door verliezen het saldo van de bezittingen en verplichtingen (het eigen vermogen) verslechtert.1 Daarnaast kan het actief verminderen door vermogensonttrekkingen. Beschermingsmethoden zoals regels over wrongful trading en fraudulent trading, ongeoorloofde vermogensonttrekkingen, minimumkapitaal, publicatieverplichtingen en doorbraak van aansprakelijkheid, kunnen de schuldeisers hiertegen beschermen en de kans op verhaal vergroten.
De aansprakelijkheid voor eigen daden, voor het niet ingrijpen wanneer dit door de omstandigheden van het geval redelijkerwijs wel van de vennoot verwacht had mogen worden en de aansprakelijkheid voor de daden van personen die onder zijn supervisie staan, heb ik besproken bij de invulling van de aansprakelijkheidsbepaling in het Wetsvoorstel Titel 7.13. De andere genoemde beschermingsmethoden zijn in hoofdstuk 3 uiteen gezet. Daar heb ik aandacht besteed aan de wijze waarop deze beschermingsregels van toepassing zijn op kapitaalvennootschappen en op de Amerikaanse en de Engelse LLP. Niet alle in hoofdstuk 3 besproken waarborgen zullen geschikt en gewenst zijn voor de bescherming van de OVBA-schuldeisers. In de hierna volgende paragrafen bespreek ik welke beschermingsmethoden toegepast zouden kunnen worden op de OVBA en op welke wijze die vormgegeven kunnen worden. Ik haal daarbij kort de in hoofdstuk 3 uitgebreid besproken situaties in de Verenigde Staten, het Verenigd Koninkrijk en Nederland aan.