Einde inhoudsopgave
RvdW 2023/437
Poging doodslag door meermalen met mes te steken in gezicht en lichaam van ander, art. 287 Sr. Bewijsklachten. 1. Kon hof oordelen dat verdachte reeds bij zijn eerste klap een mes in zijn hand had en aldus heeft gestoken? 2. Kon hof oordelen dat ook andere toegebrachte verwondingen steekverwondingen (en geen snijverwondingen) waren? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 28-03-2023, ECLI:NL:HR:2023:405
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
28 maart 2023
- Magistraten
Mrs. J. de Hullu, A.L.J. van Strien, M.J. Borgers
- Zaaknummer
21/03187
- Conclusie
A-G mr. P.M. Frielink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2023:405, Uitspraak, Hoge Raad, 28‑03‑2023
ECLI:NL:PHR:2023:148, Conclusie, Hoge Raad (Advocaat-Generaal), 07‑02‑2023
Essentie
Poging doodslag door meermalen met mes te steken in gezicht en lichaam van ander, art. 287 Sr. Bewijsklachten. 1. Kon hof oordelen dat verdachte reeds bij zijn eerste klap een mes in zijn hand had en aldus heeft gestoken? 2. Kon hof oordelen dat ook andere toegebrachte verwondingen steekverwondingen (en geen snijverwondingen) waren? HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 21/03187
Datum 28 maart 2023
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 22 juli 2021, nummer ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.