Bestuurdersaansprakelijkheid in theorie
Einde inhoudsopgave
Bestuurdersaansprakelijkheid in theorie (IVOR nr. 108) 2017/3.7:3.7 De toetsingsregels voor art. 2:9 BW en het verband met art. 2:138/248 BW
Bestuurdersaansprakelijkheid in theorie (IVOR nr. 108) 2017/3.7
3.7 De toetsingsregels voor art. 2:9 BW en het verband met art. 2:138/248 BW
Documentgegevens:
mr. W.A. Westenbroek, datum 01-09-2017
- Datum
01-09-2017
- Auteur
mr. W.A. Westenbroek
- JCDI
JCDI:ADS350947:1
- Vakgebied(en)
Ondernemingsrecht / Rechtspersonenrecht
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
3.7.1 Inleiding: de relevantie van de parlementaire geschiedenis van art. 2:138/248 BW3.7.2 (Kennelijk) onbehoorlijke taakvervulling als rechtsgrond voor aansprakelijkheid (de ‘behoorlijke taakvervullingsnorm’)3.7.3 Onbehoorlijke taakvervulling van ‘het bestuur’ of van individuele ‘bestuurders’?3.7.4 ‘Kennelijk’ onbehoorlijk bestuur en onbehoorlijk bestuur: gedragsnormen en toetsingsregels zijn hetzelfde3.7.5 Omvang van schade en bewijspositie bij art. 2:9 BW en art. 2:138/ 248 BW: beslissingsregels zijn verschillend3.7.6 Het risico van hindsight bias (het ‘peilmoment’)3.7.7 Objectieve toets van de inspanningsverbintenis (de maatman-bestuurder)3.7.8 Beleidsruimte, ondernemen en de grijze zone: Waar gehakt wordt, vallen spaanders