Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/25
Art. 416 lid 2 Sv na veroordeling voor rijden onder invloed van THC (art. 8 lid 5 WVW 1994). Betekening dagvaarding in hoger beroep en in eerste aanleg, art. 36e lid 2 sub a jo. 36e lid 2 sub b en 36g lid 3 sub c Sv. Had betekening van dagvaarding in h.b. moeten plaatsvinden op adres dat verdachte heeft opgegeven tijdens politieverhoor en was hof gehouden onderzoek te doen naar betekening van dagvaarding in e.a.? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 26-11-2024, ECLI:NL:HR:2024:1687
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
26 november 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, T. Kooijmans, C.N. Dalebout
- Zaaknummer
22/03492
- Conclusie
A-G mr. A.E. Harteveld
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1687, Uitspraak, Hoge Raad, 26‑11‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:758, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 24‑09‑2024
Essentie
Art. 416 lid 2 Sv na veroordeling voor rijden onder invloed van THC (art. 8 lid 5 WVW 1994). Betekening dagvaarding in hoger beroep en in eerste aanleg, art. 36e lid 2 sub a jo. 36e lid 2 sub b en 36g lid 3 sub c Sv. Had betekening van dagvaarding in h.b. moeten plaatsvinden op adres dat verdachte heeft opgegeven tijdens politieverhoor en was hof gehouden onderzoek te doen naar betekening van dagvaarding in e.a.? HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.