RvdW 2024/1031:Rijden terwijl verdachte wist of redelijkerwijs moest weten dat rijbewijs ongeldig was verklaard, art. 9 lid 2 WVW 1994. Vrijspraak in eerste aanleg. Bewijsklacht. Kan uit omstandigheid dat door politie aan verdachte is medegedeeld dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard en verklaring van verdachte dat hij begrijpt dat hij niet mag rijden, worden afgeleid dat verdachte ‘wist of redelijkerwijs moest weten’ dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard? HR: Om redenen vermeld in CAG leidt middel niet tot cassatie. CAG: Uit het voor bewijs gebruikte p-v ZSM van politie d.d. 2 augustus 2019, inhoudende dat politie aan verdachte heeft medegedeeld dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard en dat verdachte heeft verklaard dat hij begrijpt dat hij niet mag rijden, volgt zonder meer dat verdachte op 28 november 2020 ‘wist of redelijkerwijs moest weten’ dat zijn rijbewijs ongeldig was verklaard. ’s Hofs oordeel is in zoverre voldoende gemotiveerd. Volgt verwerping. Samenhang met RvdW 2024/1030 en RvdW 2024/1032.