Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken
Einde inhoudsopgave
Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken (FM nr. 180) 2024/9.4.14.5:9.4.14.5 Goede procesorde
Bewijsrecht in fiscale bestuurlijke boetezaken (FM nr. 180) 2024/9.4.14.5
9.4.14.5 Goede procesorde
Documentgegevens:
mr. drs. A. Heidekamp, datum 13-10-2023
- Datum
13-10-2023
- Auteur
mr. drs. A. Heidekamp
- JCDI
JCDI:ADS940284:1
- Vakgebied(en)
Fiscaal bestuursrecht (V)
Fiscaal procesrecht (V)
Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
Ook in de procedure tegen een fiscale bestuurlijke boete gelden de beginselen van een behoorlijke procesorde.1 De toepassing van deze beginselen, waaronder ik ook het beginsel van hoor en wederhoor begrijp, wordt bewaakt door de rechter, waardoor zij de facto van openbare orde zijn.2 Van een echte stelplicht en bewijslast is dan ook geen sprake.3 Feteris heeft terecht opgemerkt dat de rechter deze beginselen, voor wat betreft de boeteoplegging, nader kan invullen aan de hand van de waarborgen van art. 6 EVRM.4 Voor zover het gaat om aspecten van de behoorlijke procesorde die tevens onderdeel zijn van de fair hearing, kan daarom ook rechtstreeks op grond van art. 6 EVRM een zelfstandige onderzoeksplicht voor de rechter gelden.5