RvdW 2026/156:Witwassen van geldbedrag van € 18.950, art. 420bis lid 1 onder b Sr. Vrijspraak in eerste aanleg na bewijsuitsluiting vanwege onrechtmatig binnentreden. Verweer dat onvoldoende verdenking bestond om woning binnen te treden o.g.v. art. 96 Sv, art. 359a Sv. HR: Om redenen vermeld in CAG is verwerping van verweer door hof toereikend gemotiveerd. CAG: Verweer voldoet niet aan eisen die aan art. 359a Sv-verweer worden gesteld, zodat hof niet gehouden was daarop te reageren. Hof heeft verweer ook inhoudelijk op toereikende gronden verworpen. O.g.v. de door hof vastgestelde feiten en omstandigheden is machtiging tot binnentreden ter inbeslagneming o.g.v. art. 96 Sv afgegeven. Volgt verwerping.