RvdW 2026/160:Medeplegen voorbereidingshandelingen m.b.t. grootschalige of bedrijfsmatige hennepteelt, art. 11a Opiumwet. 1. Verweer strekkende tot niet-ontvankelijkverklaring OM dan wel bewijsuitsluiting, nu administratie van vennootschap waarvan verdachte bestuurder was is vernietigd, art. 359a Sv. 2. Bewijsklacht bestemming. Kan uit bewijsvoering worden afgeleid dat verdachte ‘wist dan wel ernstige reden had om te vermoeden’ dat stoffen, voorwerpen en gegevens ‘bestemd waren tot’ plegen van 1 van de in art. 11 lid 3 en art. 11 lid 5 Opiumwet strafbaar gestelde feiten? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2026/158 en RvdW 2026/159 en met 23/03303 P en 23/03306 P (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, betrokkene n-o).