Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/1155
De rechter moet bij de beoordeling van een klaagschrift tegen een EOB kennisnemen van het EOB en die bij zijn beoordeling betrekken.
HR 19-11-2024, ECLI:NL:HR:2024:1685
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
19 november 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, T. Kooijmans, F. Posthumus
- Zaaknummer
24/01251 Br
- Conclusie
A-G mr. A.E. Harteveld
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Rechtsmiddelen
Internationaal strafrecht / Europees strafrecht en strafprocesrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1685, Uitspraak, Hoge Raad, 19‑11‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1029, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 15‑10‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 12‑07‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 02‑07‑2024
- Wetingang
Essentie
De rechter moet bij de beoordeling van een klaagschrift tegen een EOB kennisnemen van het EOB en die bij zijn beoordeling betrekken.
Samenvatting
Klaagschrift tegen inbeslagneming op grond van EOB. Het openbaar ministerie heeft het EOB niet aan de rechtbank overgelegd, maar volstaan met het in grote lijnen schetsen van de inhoud daarvan ten behoeve van de beoordeling van het klaagschrift door de rechtbank. Vervolgens heeft de rechtbank over het klaagschrift geoordeeld zonder zelf kennis te nemen van het EOB. De verplichting tot geheimhouding van het EOB strekt zich niet uit tot de rechter die over het klaagschrift ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.