Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/1016
Caribische zaak. Procesrecht. Cassatie van tussenbeschikking Gemeenschappelijk Hof?; overeenkomstige toepassing art. 401a en 426 lid 4 Rv in Caribische zaken; niet-ontvankelijkheid in cassatie (art. 80a RO).
HR 25-10-2024, ECLI:NL:HR:2024:1536
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
25 oktober 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Kroeze, F.J.P. Lock, S.J. Schaafsma
- Zaaknummer
24/02988
- Conclusie
A-G mr. S.D. Lindenbergh
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Burgerlijk procesrecht / Algemeen
Burgerlijk procesrecht / Cassatie
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1536, Uitspraak, Hoge Raad, 25‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1136, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 06‑09‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 31‑07‑2024
- Wetingang
Samenvatting
Art. 401a en 426 lid 4 Rv zijn van toepassing op een cassatieberoep in een burgerlijke zaak uit het Caribische deel van het Koninkrijk. In deze zaak is de beschikking van het Gerecht in eerste aanleg van Sint Maarten een tussenbeschikking nu daarin niet door een uitdrukkelijk dictum voor enig deel van het verzochte een einde is gemaakt aan het geding. Het ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.