Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/163
Rijden zonder rijbewijs, art. 107 lid 1 WVW 1994. Vordering tot tenuitvoerlegging van eerder opgelegde voorwaardelijke hechtenis, waarbij hof i.p.v. tul van hechtenis van 2 weken een taakstraf van 28 uren heeft gelast, en motiveringsplicht i.h.k.v. tul vordering, art. 361a jo. art. 6:6:5 lid 1 en art. 6:6:21 lid 1 Sv. Heeft hof beslissing op tul vordering toereikend gemotiveerd gelet op verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid OM in tul vordering? O.g.v. ook in hoger beroep toepasselijk art. 361a jo. art. 6:6:5 lid 1 en art. 6:6:21 lid 1 Sv moet rechter de beslissing op tul vordering van voorwaardelijk opgelegde straf of maatregel met redenen omkleden. Namens verdachte is naar voren gebracht dat OM in tul vordering n-o moet worden verklaard, omdat verdachte niet bekend was of kon zijn met voorwaardelijke veroordeling. Hof was daarom gehouden tot nadere motivering van beslissing op die vordering. In ’s hofs uitspraak ontbreekt die motivering. Volgt (partiële) vernietiging t.a.v. beslissing op tul vordering en terugwijzing.
HR 16-12-2025, ECLI:NL:HR:2025:1933
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
16 december 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, C.N. Dalebout, F. Damsteegt
- Zaaknummer
23/03865
- Conclusie
A-G mr. T.N.B.M. Spronken
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Tenuitvoerlegging
Materieel strafrecht / Sancties
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1933, Uitspraak, Hoge Raad, 16‑12‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:1256, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 18‑11‑2025
Essentie
Rijden zonder rijbewijs, art. 107 lid 1 WVW 1994. Vordering tot tenuitvoerlegging van eerder opgelegde voorwaardelijke hechtenis, waarbij hof i.p.v. tul van hechtenis van 2 weken een taakstraf van 28 uren heeft gelast, en motiveringsplicht i.h.k.v. tul vordering, art. 361a jo. art. 6:6:5 lid 1 en art. 6:6:21 lid 1 Sv. Heeft hof beslissing op tul vordering toereikend gemotiveerd gelet op verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid OM in tul vordering? O.g.v. ook in hoger beroep toepasselijk art. 361a jo. art. 6:6:5 lid 1 en art. 6:6:21 lid ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.