RvdW 2025/80:Ontucht, meermalen gepleegd (art. 245 (oud) Sr) met 3 13-jarige/14-jarige/15-jarige meisjes door 19-jarige verdachte nadat 2 van de 3 meisjes in de avonduren ouderlijke woning hebben verlaten, niet meer terugkeerden en geen contact met hen kon worden gelegd waarna zoekactie is opgestart, en bezit van kinderporno (art. 240b lid 1 (oud) Sr). 1. Beroep op afwezigheid van alle schuld m.b.t. leeftijd van minderjarige slachtoffers. Kon hof oordelen dat verdachte tekort is geschoten in zijn onderzoeksplicht om werkelijke leeftijd van betrokken minderjarigen te achterhalen? 2. Strafmotivering (gevangenisstraf van 45 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk). Kon hof bij het bepalen van strafduur in aanmerking nemen dat verdachte misbruik heeft gemaakt van kwetsbare situatie waarin 2 meisjes zich bevonden omdat zij van huis waren weggelopen, zich in onbekende stad bevonden en door hun ouders en door politie werden gezocht? 3. Uitdrukkelijk onderbouwd standpunt t.a.v. bewezenverklaring van ontucht van derde slachtoffer en bezit van kinderporno, art. 359 lid 2 Sv. 4. Vordering benadeelde partij t.z.v. materiële schade strekkende tot vergoeding van kosten studievertraging, art. 51f lid 1 Sr. Kon hof oordelen ‘dat is voldaan aan vereiste causaliteit tussen gebeurtenis en ontstane schade’? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2024/79.