Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1130
Opzetheling van personenauto, art. 416 lid 1 onder a Sr. Bewijsklachten kennelijk leugenachtige verklaring van verdachte. Wist verdachte t.t.v. verwerving of het voorhanden krijgen van auto dat het een door misdrijf verkregen goed betrof? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2025/1129 en met 23/01416 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte n-o).
HR 07-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1501
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 oktober 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, C. Caminada, F. Posthumus
- Zaaknummer
23/01418
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1501, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑10‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:1084, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑07‑2025
Essentie
Opzetheling van personenauto, art. 416 lid 1 onder a Sr. Bewijsklachten kennelijk leugenachtige verklaring van verdachte. Wist verdachte t.t.v. verwerving of het voorhanden krijgen van auto dat het een door misdrijf verkregen goed betrof? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2025/1129 en met 23/01416 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte n-o).
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/01418
Datum 7 oktober 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 5 april 2023, nummer 21-000970-21, in de ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.