Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1129
Opzetheling van aanhanger, art. 416 lid 1 onder a Sr. Bewijsklachten. Had verdachte t.t.v. verwerving of het voorhanden krijgen van aanhangwagen op zijn minst voorwaardelijk opzet op het voorhanden hebben van gestolen aanhangwagen? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2025/1130 en met 23/01416 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte n-o).
HR 07-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1503
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
7 oktober 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, C. Caminada, F. Posthumus
- Zaaknummer
23/01417
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1503, Uitspraak, Hoge Raad, 07‑10‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:1088, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑07‑2025
Essentie
Opzetheling van aanhanger, art. 416 lid 1 onder a Sr. Bewijsklachten. Had verdachte t.t.v. verwerving of het voorhanden krijgen van aanhangwagen op zijn minst voorwaardelijk opzet op het voorhanden hebben van gestolen aanhangwagen? HR: art. 81 lid 1 RO. Samenhang met RvdW 2025/1130 en met 23/01416 (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, verdachte n-o).
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 23/01417
Datum 7 oktober 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 5 april 2023, nummer 21-000968-21, in de strafzaak ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.