Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/105
(Poging tot) feitelijke aanranding van eerbaarheid, art. 45 en 246 (oud) Sr. Dubbel verstek. 1. Aanwezigheidsrecht. Kon hof verstek verlenen, nu dagvaarding is uitgereikt op inschrijvingsadres van verdachte dat een pand voor kamerbewoning betreft en medebewoner (die verdachte niet kent) dagvaarding in ontvangst heeft genomen? 2. Aanhoudingsverzoek ttz. in hoger beroep door niet-gemachtigde raadsman op de grond dat aanleiding voor h.b. is geweest dat verdachte graag zijn verhaal wilde doen, door hof afgewezen omdat verzoek onvoldoende is onderbouwd. HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 10-12-2024, ECLI:NL:HR:2024:1823
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 december 2024
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, M. Kuijer, F. Posthumus
- Zaaknummer
23/02732
- Conclusie
A-G mr. T.N.B.M. Spronken
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1823, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑12‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:1033, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑10‑2024
Essentie
(Poging tot) feitelijke aanranding van eerbaarheid, art. 45 en 246 (oud) Sr. Dubbel verstek. 1. Aanwezigheidsrecht. Kon hof verstek verlenen, nu dagvaarding is uitgereikt op inschrijvingsadres van verdachte dat een pand voor kamerbewoning betreft en medebewoner (die verdachte niet kent) dagvaarding in ontvangst heeft genomen? 2. Aanhoudingsverzoek ttz. in hoger beroep door niet-gemachtigde raadsman op de grond dat aanleiding voor h.b. is geweest dat verdachte graag zijn verhaal wilde doen, door hof afgewezen omdat verzoek onvoldoende is onderbouwd. HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.