Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/347
Medeplegen aanwezig hebben van hennep, art. 3 onder C Opiumwet. Exceptie o.b.v. Unierecht. In HR 10 februari 2026, NJ 2026/96 heeft HR bij HvJ EU een verzoek ingediend uitspraak te doen over de in dat arrest geformuleerde prejudiciële vragen. Omdat beantwoording van die vragen door HvJ EU van belang is voor beoordeling van cassatieberoep in deze zaak, zal HR iedere verdere beslissing aanhouden. HR houdt iedere verdere beslissing aan totdat HvJ EU uitspraak zal hebben gedaan over prejudiciële vragen in samenhangende zaak HR 10 februari 2026, NJ 2026/96. CAG (strekking): vernietiging en terugwijzing.
HR 10-02-2026, ECLI:NL:HR:2026:207
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 februari 2026
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, R. Kuiper
- Zaaknummer
23/01263
- Conclusie
A-G mr. B.F. Keulen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Opiumwet
EU-recht / Algemeen
Internationaal strafrecht / Europees strafrecht en strafprocesrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:207, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑02‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:740, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 01‑07‑2025
Essentie
Medeplegen aanwezig hebben van hennep, art. 3 onder C Opiumwet. Exceptie o.b.v. Unierecht. In HR 10 februari 2026, NJ 2026/96 heeft HR bij HvJ EU een verzoek ingediend uitspraak te doen over de in dat arrest geformuleerde prejudiciële vragen. Omdat beantwoording van die vragen door HvJ EU van belang is voor beoordeling van cassatieberoep in deze zaak, zal HR iedere verdere beslissing aanhouden. HR houdt iedere verdere beslissing aan totdat HvJ EU uitspraak zal hebben gedaan over prejudiciële vragen in samenhangende zaak HR 10 februari 2026, NJ 2026/96. CAG (strekking): vernietiging ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.