Einde inhoudsopgave
RvdW 2026/366
Onderzoek Vidar. Medeplegen poging tot uitvoer van cocaïne (art. 2 onder A Opiumwet). Bewijsklacht poging, begin van uitvoering a.b.i. art. 45 lid 1 Sr. Kan uit bewijsvoering begin van uitvoering van buiten grondgebied van Nederland brengen van cocaïne worden afgeleid? Om redenen vermeld in HR 10 februari 2026, RvdW 2026/340 faalt middel. Volgt verwerping. Samenhang met NJ 2026/100, RvdW 2026/339, RvdW 2026/340, RvdW 2026/363, RvdW 2026/364 en RvdW 2026/365 en met 24/02861 P (niet gepubliceerd; geen middelen ingediend, betrokkene n-o).
HR 10-02-2026, ECLI:NL:HR:2026:188
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
10 februari 2026
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, C. Caminada, T. Kooijmans, F. Posthumus, R. Kuiper
- Zaaknummer
24/02918
- Conclusie
A-G mr. D.J.M.W. Paridaens
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Opiumwet
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2026:188, Uitspraak, Hoge Raad, 10‑02‑2026
ECLI:NL:PHR:2025:711, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 15‑07‑2025
Essentie
Onderzoek Vidar. Medeplegen poging tot uitvoer van cocaïne (art. 2 onder A Opiumwet). Bewijsklacht poging, begin van uitvoering a.b.i. art. 45 lid 1 Sr. Kan uit bewijsvoering begin van uitvoering van buiten grondgebied van Nederland brengen van cocaïne worden afgeleid? Om redenen vermeld in HR 10 februari 2026, RvdW 2026/340 faalt middel. Volgt verwerping. Samenhang met NJ 2026/100, RvdW 2026/339, RvdW 2026/340, RvdW 2026/363, RvdW 2026/364 en RvdW 2026/365 en met 24/02861 P (niet ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.