Einde inhoudsopgave
RvdW 2024/978
Schuld, bestaande in roekeloosheid, in de zin van art. 6 jo art. 5a WVW 1994.
HR 15-10-2024, ECLI:NL:HR:2024:1405
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
15 oktober 2024
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, A.E.M. Röttgering, M. Kuijer, C. Caminada, T. Kooijmans
- Zaaknummer
23/00809
- Conclusie
A-G mr. P.M. Frielink
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Bijzonder strafrecht / Verkeersstrafrecht
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2024:1405, Uitspraak, Hoge Raad, 15‑10‑2024
ECLI:NL:PHR:2024:743, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 09‑07‑2024
Beroepschrift, Hoge Raad, 22‑12‑2023
- Wetingang
Essentie
Hof kon oordelen dat verdachte, die opzettelijk de maximumsnelheid over een grotere afstand zeer fors heeft overschreden en heeft geprobeerd op een eenbaansweg links in te halen, de verkeersregels in ernstige mate heeft geschonden en dat hij roekeloos heeft gereden, als voorzienbaar gevolg waarvan hij het verkeersongeval heeft veroorzaakt waardoor het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel is toegebracht.