Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1158
Afwijzing van verzoek verdediging ter terechtzitting tot het horen van getuigen op de in art. 288 lid 1 onder a Sv bedoelde grond, is ontoereikend gemotiveerd.
HR 14-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1556
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
14 oktober 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, M.J. Borgers, T. Kooijmans
- Zaaknummer
24/03117
- Conclusie
A-G mr. T.N.B.M. Spronken
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Terechtzitting en beslissingsmodel
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1556, Uitspraak, Hoge Raad, 14‑10‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:997, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 16‑09‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 01‑05‑2025
- Wetingang
Essentie
De afwijzing door het hof van het door de verdediging ter terechtzitting gedane verzoek tot het horen van getuigen op de in art. 288 lid 1 aanhef en onder a Sv bedoelde grond, is, mede in het licht van RvdW 2025/1157, ontoereikend gemotiveerd.
Samenvatting
Het cassatiemiddel klaagt over de motivering van de afwijzing door het hof van het door de verdediging gedane verzoek tot het horen van verbalisanten als getuigen.
Het oordeel van het hof dat de verzochte getuigen redelijkerwijs niet meer binnen een aanvaardbare termijn kunnen worden gehoord en dat een ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.