Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/1149
Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Gevolgen toeslagenaffaire. Betekenis rechtspraak EHRM over art. 8 EVRM. Verzoek herstel gezag over minderjarige (art. 1:277 BW); maatstaf. Vervolg op HR 21 juni 2024, RvdW 2024/643.
HR 17-10-2025, ECLI:NL:HR:2025:1570
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
17 oktober 2025
- Magistraten
Mrs. G. de Groot, C.E. du Perron, S.J. Schaafsma, F.R. Salomons, G.C. Makkink
- Zaaknummer
25/00737
- Conclusie
A-G mr. F. Ibili
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Toeslagen (V)
Personen- en familierecht / Gezag en omgang
Personen- en familierecht / Kinderbescherming
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1570, Uitspraak, Hoge Raad, 17‑10‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:754, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 04‑07‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 26‑02‑2025
- Wetingang
Art. 8 EVRM; art. 1:277 BW
Essentie
Personen- en familierecht. Jeugdrecht. Gevolgen toeslagenaffaire. Betekenis rechtspraak EHRM over art. 8 EVRM. Verzoek herstel gezag over minderjarige (art. 1:277 BW); maatstaf. Vervolg op HR 21 juni 2024, RvdW 2024/643.
Samenvatting
Bij alle beslissingen waar het gezinsleven van kinderen in het geding is, komt aan de belangen van het kind groot gewicht toe. Waar het gaat om de verzorging en opvoeding van kinderen en om beperkingen in de omgang, moeten de belangen van het kind volgens het EHRM voor andere overwegingen komen. Louter financiële problemen van een ouder vormen geen voldoende ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.