Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/923
Medeplegen uitvoer van cocaïne naar Engeland, art. 2 onder A Opiumwet. Verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid OM in vervolging dan wel bewijsuitsluiting wegens het opnemen van EncroChat-bericht met geheimhoudersinformatie in procesdossier, art. 359a Sv. Kon hof volstaan met enkele constatering van vormverzuim? HR: art. 81 lid 1 RO.
HR 08-07-2025, ECLI:NL:HR:2025:1112
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 juli 2025
- Magistraten
Mrs. V. van den Brink, F. Posthumus, R. Kuiper
- Zaaknummer
24/01886
- Conclusie
A-G mr. P.H.P.H.M.C. van Kempen
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Strafprocesrecht / Voorfase
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1112, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑07‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:638, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 10‑06‑2025
Essentie
Medeplegen uitvoer van cocaïne naar Engeland, art. 2 onder A Opiumwet. Verweer strekkende tot niet-ontvankelijkheid OM in vervolging dan wel bewijsuitsluiting wegens het opnemen van EncroChat-bericht met geheimhoudersinformatie in procesdossier, art. 359a Sv. Kon hof volstaan met enkele constatering van vormverzuim? HR: art. 81 lid 1 RO.
Partij(en)
HOGE RAAD DER NEDERLANDEN
STRAFKAMER
Nummer 24/01886
Datum 8 juli 2025
ARREST
op het beroep in cassatie tegen een arrest van het gerechtshof Den Haag van 8 mei 2024, nummer 22-002982-22, in de strafzaak
tegen
[verdachte] ,
geboren in [geboorteplaats] ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.