RvdW 2025/938:Vervolgingsuitlevering opgeëiste persoon (Nederlandse nationaliteit) naar Zwitserland t.z.v. invoer van cocaïne en witwassen. Kon Rb oordelen dat (summier onderbouwd) verweer van verdediging m.b.t. chronische darmziekte van dochter van opgeëiste persoon niet tot conclusie kan leiden dat sprake is van reeds voltooide mensenrechtenschending i.v.m. feiten waarvoor uitlevering wordt verzocht? HR: art. 81 lid 1 RO.