Einde inhoudsopgave
RvdW 2025/886
Toereikend bewijs voor medeplegen van voorbereiding van moord.
HR 08-07-2025, ECLI:NL:HR:2025:1116
- Instantie
Hoge Raad
- Datum
8 juli 2025
- Magistraten
Mrs. M.J. Borgers, A.L.J. van Strien, M. Kuijer
- Zaaknummer
23/05123
- Conclusie
A-G mr. T.N.B.M. Spronken
- Folio weergave
- Deze functie is alleen te gebruiken als je bent ingelogd.
- Vakgebied(en)
Materieel strafrecht / Delicten Wetboek van Strafrecht
Materieel strafrecht / Algemeen
- Brondocumenten
ECLI:NL:HR:2025:1116, Uitspraak, Hoge Raad, 08‑07‑2025
ECLI:NL:PHR:2025:413, Conclusie, Hoge Raad (Parket), 08‑04‑2025
Beroepschrift, Hoge Raad, 22‑08‑2024
- Wetingang
Essentie
Toereikend bewijs voor medeplegen van voorbereiding van moord.
Samenvatting
Voor een veroordeling voor het — als medepleger — voorhanden hebben van een voorwerp als bedoeld in art. 46 Sr, moet komen vast te staan dat sprake is geweest van een nauwe en bewuste samenwerking door de verdachte met een of meer anderen die was gericht op het voorhanden hebben van zo’n voorwerp. Vereist is dat de verdachte zich bewust was van de (waarschijnlijke) aanwezigheid van dat voorwerp, zonder dat die bewustheid zich hoeft uit te strekken tot de specifieke eigenschappen en kenmerken van dat voorwerp of tot ... Verder lezen? Log in om dit document te bekijken.